De dorstige kapper

In het dorp waar dit verhaal zich afspeelt (ergens in het noorden van het land), waren vroeger twee kappers, de één een keurige heer, de ander een plezante levensgenieter met veel grappen en humor.

 

De dorstige kapper had altijd een hoedje of pet op en rookte steevast een sigaar en was slecht te been, dit had hij overgehouden aan de oorlog, maar hij was overal bekend ook door het hele land bij toen veel bekende artiesten.

 

Af en toe kreeg hij last van een vreselijke dorst en had hij op zijn deur van de kapperszaak staan i.v.m. grote dorst gesloten.

 

In het kleine dorpje waar dit verhaal afspeelt waren 3 cafés, en elke kastelein had er wel een baantje bij zo had deze er een boerderijtje bij.

De dorstige kapper haastte zich naar het café, verhip nog gesloten(half zeven ’s morgens) mompelde kapper, dan maar doorlopen naar de boerderij, en ja hoor daar was de kroegbaas aan het melken, morge kapper riep hij, alweer dorst hahahaha, moet nog 3 uitmelken dan kan je naar de kroeg, neem maar een kop thee die staat al klaar, even later kwam er nog iemand aanlopen, de zeeman, hij had een paar weken verlof en was vroeg wakker en liep gelijk door naar de boerderij, daar was altijd wel wat te beleven ……… He kapper heb je ook al dorst zo ging dat geouwehoer een beetje door. De klok sloeg half negen, ga maar naar de kroeg zei de kastelein de achterdeur is wel los en mijn vrouw zal wel wakker wezen zoniet dan moet je het maar opschrijven wat je opzuipt(in die tijd kon dat nog).

En zo kon het gebeuren dat er s morgens om 9 uur de eerste klanten al gezellig in de kroeg zaten…..

 

Plaats een reactie